Wandelvakanties; jawel. Begeleide wandelingen; zeker. Zelfs een kaart op zijn kop houden en gefronst naar de hemel kijken; ook gedaan. Bovenstaande is allemaal bekend terrein voor mij. Maar wandelfestivals (een lang weekend wandelen en praten met plaatselijke bewoners en medewandelaars, gevolgd door een avond in de pub met die nieuwe vrienden)? Dat was nieuw voor mij en mijn wandelschoenen. Bij de gedachte eraan haalde ik meteen mijn schoenen uit het vet.
Een speciaal festival
Een heel ander terrein voor mijn wandelschoenen is het Mourne International Walking Festival in juni. Hierbij moet je denken aan lange wandelingen, via een hooggelegen route door de bergen en via laaggelegen veen. Het soort landschap "dat prachtig is te voet omdat je het dan echt goed in je opneemt. Vanuit een auto zie je het maar half," zegt Bernie Bogue van de Cooneen Ramblers in oostelijk Fermanagh. Ian Reid uit Cardiff banjert al vijf jaar op het festival rond en vertelt: "gedeeltelijk is het de pracht van de Mournes en de tijd van het jaar waardoor het zo speciaal is. Maar ook zijn het de andere wandelaars. Ik geef het festival een dikke 10 voor kameraadschap en plezier."
De schoonheid van West-Cork
De West-Cork versie rondom Baltimore verkondigt zichzelf als het Walking Talking Festival, en ook dit heeft grote fans... zelfs uit de andere kant van de wereld: Richard Tulloch schrijft in de Sydney Morning Herald dat zijn gids hem vermaakte met "verhalen die soms grappig maar vaak ook dramatisch waren en die onlosmakelijk verbonden zijn met dit landschap." Toen er gepauzeerd werd bij een boerderij voor wat huisgemaakt ijs begon de oude boer "plotseling uit volle borst een lied te zingen over de hongersnood. Pure, spontane, pretentieloze betovering!"
Klinkt eigenlijk precies goed. Dus, waar zijn mijn wandelschoenen?